I Have A Shitty Titty

Gepubliceerd op 19 mei 2025 om 19:45


15 mei 2025
“Vandaag voelde ik mijn wereld instorten… tussen een tiet die bijna plat werd geperst en een radioloog die net een schatkaart bestudeerde.”

En ergens wist ik al: dit is niet zomaar iets.

Al een tijdje zat die gedachte in mijn hoofd: dit jaar word ik net zo oud als mijn moeder toen zij borstkanker kreeg.

In november word ik 48. Precies de leeftijd waarop mijn moeder haar diagnose kreeg.

Vandaag ga ik weer voor een mammografie. Al jaren heb ik elke twee jaar een controle en tot nu toe was er nooit reden tot paniek.

Eric is bij me. Hij gaat altijd mee.
Omdat hij weet hoe spannend ik dit vind — vooral dat wachten op de uitslag.

 

De vrouw die de pletmachine bestuurt, plaatst mijn borst tussen het apparaat en draait m zo hard aan dat mijn tranen spontaan over mijn wangen lopen. Eén keer is pijnlijk genoeg, twee keer voelt alsof het mijn hele tiet verplettert. Dan nog een kleiner klemmetje. “Zo kunnen we beter zien wat we hebben gezien,” zegt ze professioneel.

 

Wat hebben we gezien? Wat zegt zij nou
Mijn onderbuik trekt samen.

Nog één keer, nog een keer mijn tiet pletten. De vrouw zegt dat ze nog wat beter willen kijken en dat ik door moet naar de radioloog voor een echografie.

Dit kan niet goed zijn, zegt mijn gevoel. En ik begin ’m aardig te knijpen.


Dan de echo. De radioloog schuift het apparaat langzaam over mijn borst. Hij blijft lang kijken naar één plekje. Zijn woorden snijden door me heen:

Ja, we zien iets verontrustends.

 

Even is het stil.
Alsof alles om me heen wegvalt.

 

Alsof ik in mijn leven nog niet genoeg ellende heb meegemaakt… kan dit er ook nog wel lekker bij.

 

Mijn hart slaat over, mijn hoofd duizelt. Alles stort in. Gedachten razen: hoe erg is het? Eindig ik zoals mijn moeder? Ga ik dood? Is dit te genezen? Tranen rollen over mijn wangen. Ik kan nauwelijks ademen. Angstig kijk ik Eric aan en kan nog amper woorden uitbrengen. Ik voel me verloren, angstig en even heel erg alleen.

 

Het weekend moest ik afwachten. Tot maandag, voor een punctie in een ander ziekenhuis.

Ik kan je vertellen: het was een lang weekend.

Eric en ik hebben veel gepraat.
We hebben samen gehuild.
Maar ook gelachen — want soms is dat de enige manier om niet helemaal gek te worden.

We zeiden tegen elkaar: dit gaan we samen doen.

En ergens gaf dat rust.
Dat we hier niet alleen doorheen hoefden.

 

Het leven kan in één moment veranderen.
Dat voelde ik toen sterker dan ooit.

Angst kan je overspoelen.
En dat is oké.

Om bang te zijn.
Om te huilen.
Om steun te vragen.

 

En toen begon het wachten.

Een heel weekend lang leven tussen hoop en angst.
Niet weten wat er in mijn lichaam zat… en wat er ging komen.